Als je gaat samenwonen, moet je allerlei dingen regelen. Veel van die dingen zijn leuk, zoals het uitzoeken van gordijnen en het kiezen van een nieuw bankstel. Maar je moet ook zaken regelen waar je misschien liever niet over nadenkt. Blijft de ander wel verzorgd achter als een van jullie overlijdt, wat gebeurt er met jullie gezamenlijke woning als jullie uit elkaar gaan en wat gebeurt er verder als de relatie stukloopt
Samenlevingscontract
Een samenlevingscontract brengt allerlei voordelen met zich mee. Zo leg je vast wie wat betaalt. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de kosten voor de aankoop van een huis of de kosten en de verzorging en opvoeding van eventuele (stief)kinderen. Je kunt opnemen welke goederen privé-eigendom zijn van de een en welke van de ander en welke goederen gezamenlijk eigendom zijn. Wanneer een van jullie beiden meer geld heeft geïnvesteerd in bijvoorbeeld de gezamenlijke woning en jullie onverhoopt uit elkaar gaan, is het belangrijk om een investeringsovereenkomst in je samenlevingscontract op te nemen. Daarmee leg je vast dat die partner het geïnvesteerde geld terugkrijgt. Een andere belangrijke regeling die vastgelegd kan worden in een samenlevingscontract, is het verblijvingsbeding. Als een van de partners dan overlijdt, komen alle gezamenlijke bezittingen toe aan de andere partner. Dat is belangrijk omdat de samenwonenden op grond van de wet geen erfgenamen van elkaar zijn.
Testament opstellen
Hebben jullie kinderen, dan is het altijd raadzaam ook een testament op te laten stellen. Kinderen hebben namelijk recht op een aandeel in de nalatenschap van hun ouders, de zogenaamde legitieme portie. Dat is wettelijk zo geregeld en dat kun je nooit uitsluiten. Wat je wel kunt doen, is in een testament laten vastleggen dat het uitkeren van die legitieme portie wordt uitgesteld tot het overlijden van de langstlevende ouder. Door dat vast te leggen komt, bij het overlijden van een van jullie, de langstlevende daardoor in ieder geval niet in de financiële problemen.
Fiscaal partnerschap
Als je gaat samenwonen heeft dat ook fiscale consequenties. Denk daarbij aan het verdelen van aftrekposten en het krijgen van heffingskortingen. Hou dus rekening met het feit dat jullie ook fiscaal partners zijn. Had je, voor jullie gingen samenwonen, recht op uitkeringen of toeslagen van de belastingdienst? Het feit dat jullie zijn gaan samenwonen kan gevolgen hebben voor de hoogte van die toeslagen of uitkeringen. Daarom is het van belang goed na te gaan of je, als je gaat samenwonen, nog steeds dezelfde rechten hebt op die uitkeringen en toeslagen.
Pensioen
Als je gaat samenwonen is het verstandig elkaar aan te melden bij de pensioenuitvoerder voor het nabestaandenpensioen, anders gaat het pensioen verloren. Dat aanmelden gaat niet automatisch, dus denk daaraan.
Erkenning en aanvragen gezag eventuele kinderen
Krijg je als samenwoners kinderen? Zorg dan dat de vader de kinderen erkent en het gezag aanvraagt. Dat zijn twee aparte dingen en die moet je zelf regelen bij de gemeente (en de rechtbank).
Inloopspreekuur
Je kunt natuurlijk een afspraak met ons maken of gebruik maken van ons gratis inloopspreekuur, iedere maandag van 9:00 tot 10:00 uur bij ons op kantoor.
Je hebt een erfenis ontvangen, je hebt aanvaard, je komt bij de notaris en dan een tijdje later; de Belastingdienst. Wanneer je iets krijgt uit een nalatenschap, moet daar belasting over worden betaald. Dit geldt alleen wanneer je meer ontvangt dan wat er volgens de belastingdienst vrijgesteld is. Binnen vier maanden na overlijden krijg je een brief thuisgestuurd, hierin staat dat je belasting moet betalen en voor wanneer dit gebeurd moet zijn. De aangifte erfbelasting kan tegenwoordig online in Mijn Belastingdienst.
Aangiftebrief
Deze aangiftebrief wordt naar één van de erfgenamen verzonden, of er moet uit het testament of de verklaring van erfrecht van de overledene blijken dat er een executeur of een notaris gemachtigd is om deze aangifte in te vullen. In dat geval wordt de aangiftebrief naar de gemachtigde gestuurd.
Wie doet er aangifte erfbelasting?
Wanneer er een executeur is aangewezen in het testament, dan is diegene belast met de taak om de aangifte erfbelasting te doen voor álle erfgenamen. Is er geen executeur aangewezen? Dan kun je als je erfgenaam bent, kiezen. Je kunt of ieder voor zich de aangifte doen, je kunt het samen (voor jezelf) doen of jullie kiezen onderling wie de aangifte doet voor alle erfgenamen. Het is verstandig om uiteindelijk de aangiften naast elkaar te leggen om te zien of jullie samen op de 100% van de erfenis uitkomen. Dan is er nooit te veel of te weinig.
Wanneer moet er aangifte erfbelasting gedaan worden?
In de aangiftebrief staat een datum voor wanneer er aangifte erfbelasting gedaan moet worden. Dit is 8 maanden na de overlijdensdatum. Mocht dit niet lukken dan is het mogelijk om uitstel aan te vragen. Ook is het zo dat het kan voorkomen dat de aangiftetermijn langer is, bijvoorbeeld wanneer het nog niet duidelijk is hoe de erfenis verdeeld moet worden of als er ná het overlijden een wijziging komt in de verdeling van de erfenis.
Vergeten?
Ook dit kan gebeuren, de Belastingdienst stuurt dan een herinnering. Wordt er nog geen aangifte gedaan? Dan wordt er een aanmaning gestuurd. Uiteindelijk wordt er een boete berekend. Wanneer de aangifte later binnenkomt dan de berekende 8 maanden na overlijdensdatum, wordt er belastingrente berekend. Dit gebeurt ook wanneer de aangifte erfbelasting niet klopt.
Geef je de belastingzaken liever uit handen? Wij kunnen ook de aangifte erfbelasting verzorgen, laat het ons vooral weten, dan denken we graag met je mee. We begeleiden je graag in het gehele proces om zoveel mogelijk werk uit handen te nemen. Bij dit proces is Mary Bours onze expert.
Meer weten?
Heb je nog vragen over de aangifte erfbelasting? Heb je andere vragen? Neem gerust contact met ons op. Ook ben je van harte welkom tijdens ons spreekuur voor een gratis tien minuten gesprek, elke maandag van 9.00 tot 10.00 uur.
De feestdagen zijn een tijd voor het geven en ontvangen van geschenken, zo ook bij de notaris. We merken dat mensen dan gaan nadenken over het aankomende jaar en de persoonlijke zaken die geregeld moeten worden. Het plezier van het geven kan echter snel omslaan in een stressvolle situatie als u niet goed plant. Daarom, alvast aan het begin van het jaar zet ik een paar schenktips op een rijtje.
Maak een keuze
Denk na over wat je wil bereiken met je schenking. Dan kun je een keuze maken of je de schenking notarieel vastlegt, of juist niet. Wanneer je schenkt via de notaris, kun je belastingvoordelen hebben en is er iemand die met je meekijkt of alles goed gaat. Je hebt dan meer grip op wat er met je gift gebeurt. Wil je alles zelf regelen? Ook dat kan, dan is de tip om de afspraken op papier vast te leggen. Dit heet een onderhandse akte.
Denk aan jezelf
Wanneer je aan een ander schenkt, denk je vaak niet zo snel aan jezelf. Maar je kunt uiteraard niet meer schenken dan wat je hebt. Zorg er voor dat je nog een potje overhoudt om onverhoopte tegenslagen op te vangen. Mocht het nou zo zijn dat je omstandigheden veranderen, dan kun je de schenking nog terugdraaien met behulp van de notaris. Vertel dit wel aan de ontvanger, dan is deze ook op de hoogte.
Let op de belasting
Elk jaar worden er belastingvrije tarieven bekendgemaakt, let erop dat je binnen deze schijven schenkt zodat je zo min mogelijk belasting betaalt. Ook is het verstandig om te kijken naar de personen aan wie je een schenking wil doen. Wil je schenken aan een kind die een partner heeft? De Belastingdienst ziet een getrouwd stel (of geregistreerd partnerschap) als één persoon, let er dus goed op wat je aan wie schenkt.
Schenk samen
Ben je getrouwd? Of geregistreerd partner? Dan dient je partner goedkeuring te geven voor de schenking. Je partner moet dan ook de handtekening onder de overeenkomst zetten.
Wees open tegenover de personen aan wie je schenkt
Licht de persoon in die een schenking ontvangt, die persoon kan dan eventueel rekening houden met de gift. Ook kan het zijn dat je één van de kinderen een schenking doet, dit kan geld zijn, maar het kunnen ook spullen zijn. Het kan zijn dat de andere kinderen zich gepasseerd voelen. Dit kan eventueel rechtgetrokken worden (als je dit graag wil) in een testament.
Houd rekening met de situatie van de ontvanger
Het kan goed zijn dat je een schenking wil doen aan een persoon die een uitkering heeft, dit kan grote gevolgen met zich meebrengen voor de ontvanger. De uitkering kan hierdoor verminderd worden. Ook kan het zijn dat je een bedrag schenkt wat buiten de belastingvrije tarieven valt, waarbij de ontvanger schenkbelasting moet betalen. Je kunt ook vastleggen dat jij degene bent die de schenkbelasting betaalt. Houd dus goed rekening met de situatie van de ontvanger.
Voorkom dat een ander profiteert van de schenking
Wil je geld schenken aan een van de kinderen? Is diegene nog getrouwd, of gaat je kind scheiden? Bij de notaris kan vastgelegd worden dat de schenking alleen naar jouw kind gaat en niet naar de ex-partner. Mocht je juist willen dat de ex-partner ook een gedeelte krijgt, kun je dit uiteraard ook vastleggen.
In de afgelopen jaren is er veel veranderd bij Van Rhijn notarissen, van een verhuizing in 2016 tot het 25-jarige jubileum van notaris mr. M.M. Elings – van Hooidonk, nu ook het 75-jarige jubileum van Van Rhijn notarissen. In dit filmpje kun je meekijken hoe het kantoor eruitziet, wat de notaris doet, wat er veranderd is de afgelopen paar jaren en vooral ook hoe het notariaat is meegegaan met haar tijd.
Met Van Rhijn notarissen heb je een notariskantoor wat altijd met de tijd meegaat. Je kunt er zeker van zijn dat je in goede handen bent als het gaat om juridische zaken, want onze notarisdiensten zijn flexibel en vooral ook heel persoonlijk, we leveren maatwerk. Dit betekent dat wanneer je bij ons komt met je documenten en juridische vragen, wij deze kundig en persoonlijk afhandelen.
Hoewel er heel veel is veranderd in de wereld, blijft de kern van het vak gelijk; dat je mensen kunt bijstaan op hele belangrijke momenten in hun leven.
In de strijd tegen het witwassen van geld en terrorismefinanciering is door de EU besloten dat alle lidstaten een UBO- register moeten implementeren. Iedere entiteit (enkele uitzonderingen daargelaten) dient in dit register aan te geven welke personen ‘Ultimate Benificial (UBO) zijn van de betreffende entiteit.
In Nederland is dit ondergebracht bij het door de KvK bijgehouden Handelsregister.
De eigenaar van de entiteit, bestuurders en degenen met de dagelijkse leiding zijn verplicht tot de registratie van de (pseudo) UBO’s. Bestaande entiteiten krijgen hiervoor tot 27 maart 2022 de tijd. Nieuwe entiteiten dienen dit direct bij inschrijving bij de Kamer van Koophandel te doen.
Consequenties
Wanneer de UBO-inschrijving te laat, niet of onjuist plaatsvindt, kunnen hier voor de BV vervelende consequenties aan verbonden zijn. Zo kunnen er zowel strafrechtelijke als bestuursrechtelijke sancties worden opgelegd. De reden hiervoor is dat dit wordt gezien als een economisch delict. Het inschrijven van alle (pseudo) UBO’s kunt u in principe zelf regelen via de website van de KvK.
Komt u hier niet uit, dan kunnen wij u uiteraard van dienst zijn. De werkzaamheden worden u op basis van bestede in rekening gebracht. Mits sprake is van een complete aanlevering, leert de praktijk dat hier gemiddeld 1 uur tot 2 uur á € 95 excl. btw per UBO-inschrijving (Let op! dus niet per entiteit) mee gemoeid is.
Per 1 juli 2021 ging de nieuwe WBTR in voor verenigingen en stichtingen in. Het doel van de wet is om wet- en regelgeving voor verenigingen en stichtingen meer in lijn te brengen met die van B.V.’s. Maar wat is de impact voor bestaande verenigingen en/of stichtingen? Notaris Marjolein Elings vertelt hier meer over in deze vijf video’s.
Deel 1. Introductie wijziging Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen
Deel 2. Wijziging WBTR: Monistisch bestuursstelsel
Deel 3. Wijziging WBTR: Codificatie van de bestuurstaak
Je krijgt een schenking van je ouders. Hoe hoog mag die schenking zijn en kun je die gebruiken voor het aflossen van je hypotheek? Hier vertellen we je waar je op moet letten.
Eenmalige verhoogde vrijstelling
Het bedrag dat je vandaag de dag belastingvrij geschonken kunt krijgen, is 6.604 euro. Ben je tussen de 18 en 40 jaar, is er sprake van een eenmalige verhoogde vrijstelling. Deze is maar liefst 105.302 euro. Gebruik je dat geld om een hypotheek af te lossen, een woning te kopen of een woning te verbouwen, dan betaal je over dat bedrag geen schenkbelasting. Deze schenking mag je ook, als je deze gebruikt voor de aflossing van de hypotheek, in twee of drie jaar belastingvrij ontvangen, dus bijvoorbeeld 30.000 euro in 2021, in 2022 en nogmaals in 2023.
Grotere eigenwoningreserve
Er zijn ook mensen die negatief tegenover een dergelijke schenking staan. Hun redenatie: als je je hypotheek hebt afgelost met een schenking, heb je minder schuld en dus een grotere eigenwoningreserve. Dat houdt in dat je bij de aankoop van een volgend huis de netto-opbrengst – dat wil zeggen inclusief datgene wat je afgelost hebt – moet gebruiken voor de aankoop van die nieuwe woning. Dat deel kun je dan niet meer financieren via een hypotheek. Zij zijn er voorstander van om een zo laag mogelijk eigenwoningreserve te hebben, en gebruiken een dergelijke schenking liever niet om af te lossen.
Hoe minder schulden, hoe beter
Aan de andere kant zijn er natuurlijk ook mensen die zeggen: hoe minder schulden je hebt, hoe beter het is, dus los lekker af. Er kan immers heel veel gebeuren in een mensenleven, en het aflossen van je hypotheekschuld biedt wel zekerheid. Bovendien: wil je je schuld laten staan en erop gokken dat we over twintig jaar nog steeds van de hypotheekrenteaftrek kunnen gebruikmaken?
Andere bestemming, lagere schenking
Gebruik je de schenking toch liever niet voor de aflossing van je woning, mag je – tussen de 18 en 40 jaar – natuurlijk nog steeds schenkingen krijgen van je ouders, maar dan is de vrijstelling veel lager, namelijk eenmalig 26.881 euro (vrijstelling 2021). Val je buiten deze leeftijdsgroep, dan geldt de normale jaarlijkse vrijstelling van 6.604 euro (2021).
Meer weten?
Heb je nog vragen over schenkingen? Heb je andere vragen? Neem gerust contact met ons op. Ook ben je van harte welkom op ons telefonisch spreekuur voor een gratis tien minuten gesprek, elke maandag van 9.00 tot 10.00 uur.
Per 1 juli 2021 gaat de nieuwe WBTR in voor verenigingen en stichtingen. Het doel van de wet is om wet- en regelgeving voor verenigingen en stichtingen meer in lijn te brengen met die van B.V.’s.
Maar wat is de impact voor bestaande verenigingen en/of stichtingen?
1. Monistisch bestuursstelsel !?
a. wat is dat?
Verenigingen en stichtingen kennen een bestuur (uitvoerend orgaan) en soms een raad van toezicht (toezichthoudend orgaan). Je hebt dan twee aparte organen, oftewel een dualistisch systeem.
Net als bij de B.V.’s is het na de invoering van de wet mogelijk om een bestuur te hebben met zowel uitvoerders als toezichthouders in één orgaan, een monistisch systeem.
Het idee achter een monistisch systeem is dat de toezichthouder die in het bestuur zit direct betrokken is bij alle activiteiten en zo beter het bestuur kan uitoefenen dan een aparte raad van toezicht die meer op afstand zit.
Er zit wel een nadeel aan voor de toezichthoudende bestuurder; je bent onderdeel van het bestuur en doet dus gewoon mee in de aansprakelijkheid van het bestuur (zie ook hierna).
b. is het verplicht?
Na de invoering is het mogelijk om een monistisch stelsel te hebben, maar het is niet verplicht. Je kunt er ook voor kiezen om je huidige systeem van een bestuur en/of een raad van toezicht aan te houden.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
alleen als je over wilt stappen naar een monistisch systeem moet dat in de statuten worden verwerkt (oftewel een statutenwijziging), anders dus niet.
Wel moet je bij de benoeming van nieuwe bestuurders ná 1 juli 2021 opnemen of het uitvoerende of toezichthoudende bestuurders zijn.
Als je de statuten níet wijzigt en dus voor het dualistische stelsel kiest (ook al heb je alleen een bestuur) zijn de nieuwe benoemde bestuurders altijd uitvoerende bestuurders.
2. raad van commissarissen/raad van toezicht
a. wat is dat?
Verenigingen en stichtingen kennen vaak een toezichthoudend orgaan in de vorm van een raad van toezicht. De bevoegdheden en verplichtingen van de raad van toezicht worden in de statuten geregeld.
De wetgever heeft ervoor gekozen om de rechten en plichten van het toezichthoudend orgaan in de wet te omschrijven.
b. is het verplicht?
Het is niet verplicht om een raad van toezicht/raad van commissarissen in te stellen. Áls je een raad van toezicht hebt is de nieuwe wet automatisch van toepassing ongeacht of dat in de statuten anders geregeld is.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
De nieuwe wet is automatisch van toepassing, de statuten hoeven dus niet te worden aangepast. Voor de duidelijkheid kan het fijn zijn als de statuten (volledig) in lijn zijn met de wet, zodat er geen misverstand over de reikwijdte van taken en bevoegdheden kan ontstaan.
3. codificatie bestuurstaak
a. wat is dat?
In de wet wordt geregeld dat het bestuur is gehouden tot een behoorlijke taakvervulling en zich moet richten naar het belang van de vereniging/stichting en de daarmee verbonden organisatie(s).
b. is het verplicht?
Ja, hoewel deze insteek natuurlijk voor zich spreekt.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
De nieuwe wet is automatisch van toepassing, de statuten hoeven dus niet te worden aangepast.
4. Tegenstrijdig belang
a. wat is dat?
Er is sprake van tegenstrijdig belang als je als bestuurder/lid van de raad van toezicht met verschillende petten op handelt. Bijvoorbeeld als de voorzitter van het bestuur van de tennisvereniging ook de aannemer is die de opdracht krijgt om het nieuwe clubhuis te bouwen.
In de nieuwe wet is de volgende regeling opgenomen:
1. voor verenigingen:
bij tegenstrijdig belang van een bestuurder neemt deze bestuurder niet deel aan de beraadslagingen en besluitvorming (in het bovengenoemde voorbeeld praat en beslist de voorzitter niet mee als besloten wordt wie het nieuwe clubhuis gaat bouwen). Kan het bestuur hierdoor geen beslissing nemen, dan beslist de raad van toezicht/raad van commissarissen. Kan deze ook geen beslissing nemen dan beslist de algemene ledenvergadering, tenzij de statuten een andere regeling kennen.
2. voor stichtingen:
bij tegenstrijdig belang van een bestuurder neemt deze bestuurder niet deel aan de beraadslagingen en besluitvorming (in het bovengenoemde voorbeeld praat en beslist de voorzitter niet mee als besloten wordt wie het nieuwe clubhuis gaat bouwen). Kan het bestuur hierdoor geen beslissing nemen, dan beslist de raad van toezicht/raad van commissarissen. Is deze er niet, dan besluit het bestuur alsnog waarbij zij schriftelijk vastlegt hoe ze tot dit besluit is gekomen tenzij de statuten een andere regeling kennen.
b. is het verplicht?
De wet gaat meteen in voor iedereen. Maar je kunt het bij statuten anders regelen als je dat wilt.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
De nieuwe wet is automatisch van toepassing. Als in de statuten een andere tegenstrijdig belang regeling is opgenomen blijft die gewoon gelden
5. aanpassing aansprakelijkheid voor bestuurders en toezichthouders bij faillissement
a. wat is dat?
Als een niet-commerciële vereniging of stichting nu failliet gaat kunnen bestuurders en toezichthouders niet aansprakelijk worden gesteld door de faillissementscurator als er sprake is van onbehoorlijke taakvervulling.
Na de invoering van de nieuwe wet kan dit wél.
b. is het verplicht?
Ja, de nieuwe wet is automatisch van toepassing op alle verenigingen en stichtingen.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
De nieuwe wet is automatisch van toepassing, de statuten hoeven dus niet te worden aangepast, en de aansprakelijkheid kan in de statuten niet anders worden geregeld. Dit is wel een goede aanleiding om nog eens goed naar de interne procedures te kijken;het gaat om een collectieve aansprakelijkheid, dus ook als het faillissement wordt veroorzaakt door wanbeleid van één bestuurder zijn de andere bestuurders mede-aansprakelijk als zij dit wanbeleid met betere procedures of beter opletten hadden kunnen voorkomen. Ook is dit een goed moment om de polisvoorwaarden van een lopende bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering nog eens goed te bekijken.
6.uitbreiding regeling ontslag door de rechter van bestuurders en toezichthouders bij een stichting
a. wat is dat?
Als een bestuurder of toezichthouder niet goed functioneert, kan de rechter deze in bijzondere gevallen ontslaan.
In de praktijk bleek dat de rechter alleen op zeer bijzondere gronden tot ontslag over kon gaan, en dit wordt nu uitgebreid met:
– taakverwaarlozing;
– andere gewichtige redenen;
– omstandigheden waardoor het voortduren van het bestuurderschap/toezichthouderschap in redelijkheid niet meer kan worden geduld.
b. is het verplicht?
Ja, bij het ingaan van de wet is deze direct op alle verenigingen en stichtingen van toepassing.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
De nieuwe wet is automatisch van toepassing, de statuten hoeven dus niet te worden aangepast.
7. aanpassing regeling meervoudig stemrecht
a. wat is dat?
Soms is in statuten geregeld dat een bestuurder of toezichthouder meer stemmen heeft dan de anderen.
Deze mogelijkheid wordt nu aan banden gelegd; één bestuurder/toezichthouder kan niet meer stemmen hebben dan de andere bestuurders/toezichthouders samen.
Als een bestuur bestaat uit 3 personen, waarbij 2 bestuurders ieder één stem hebben kan de 3e bestuurder dus hoogstens 2 stemmen hebben.
b. is het verplicht?
Ja, bij het ingaan van de wet is deze direct op alle verenigingen en stichtingen van toepassing.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
Een regeling waarbij één bestuurslid of toezichthouder meer stemmen heeft dan de anderen komt niet vaak voor in de statuten. Is dit toch het geval en het wordt anders geregeld dan in de nieuwe wet is dit een punt dat wél aangepast moet worden.
Deze aanpassing hoeft niet direct, maar moet binnen 5 jaar na invoering van de wet, dus voor 1 juli 2026 gedaan zijn.
8. regeling omtrent belet en ontstentenis bestuurders en commissarissen.
a. wat is dat?
Zeker bij een kleiner bestuur kan het voorkomen dat door ziekte of anderszins alle bestuursleden uitgevallen zijn, en dat daardoor de vereniging/stichting onbestuurbaar wordt.
Vandaar dat in de statuten een regeling moet worden opgenomen hoe de vereniging wordt bestuurd/het toezicht wordt geregeld als alle bestuurders en/of toezichthouders (al dan niet tijdelijk) uitvallen.
b. is het verplicht?
Ja, bij het ingaan van de wet is deze direct op alle verenigingen en stichtingen van toepassing.
c. moeten de statuten worden gewijzigd?
In de meeste statuten is hier al in voorzien. Is dat niet het geval dan moeten de statuten hierop worden aangepast. Anders dan bij punt 8 is er geen termijn gesteld waarbinnen de statutenwijziging geregeld moet zijn. De wijziging kan dus meegenomen worden als de statuten om een andere reden worden aangepast.
9. algemeen
De statuten hoeven nog niet op 1 juli te zijn aangepast: voor zover nodig, is daar vijf jaar de tijd voor. Dus je kunt de wijziging zorgvuldig voorbereiden met de notaris. Het is goed als er dan ook aandacht is voor het digitaal vergaderen en stemmen. Na afloop van de huidige “coronaspoedwet” mag er binnen verenigingen en stichtingen alleen nog digitaal worden gestemd als de statuten dat mogelijk maken.
Als iemand overlijdt, onderzoekt de notaris wie de erfgenamen zijn. De erfgenamen kunnen de nalatenschap aanvaarden of verwerpen. Wat komt daar allemaal bij kijken?
Wie zijn de erfgenamen?
Als iemand komt te overlijden, is niet altijd direct duidelijk wie de erfgenamen zijn. Allereerst zal de notaris onderzoeken of er een testament is, en wie de erfgenamen zijn op grond van het testament. Is er geen testament, dan bepaalt het wettelijk erfrecht wie de erfgenamen zijn. De wet onderscheidt vier groepen. De eerste groep bestaat uit de echtgenoot, geregistreerd partner en eigen (klein-)kinderen (geen pleeg- of stiefkinderen). In de tweede groep vallen de ouders, broers en zussen. Mochten zij niet meer leven, dan vallen ook hun kinderen in deze tweede groep. Dan volgen de grootouders en tenslotte de overgrootouders.
Aanvaarden of verwerpen?
Is eenmaal duidelijk wie de erfgenamen zijn, dan is de vraag of de erfgenamen de nalatenschap willen aanvaarden of niet. Vaak speelt de financiële situatie van de overledene een rol. Het heeft namelijk ook consequenties om erfgenaam te zijn. Als erfgenaam kun je ervoor kiezen de nalatenschap zuiver te aanvaarden of beneficiair te aanvaarden, ook wel: aanvaarden onder het voorrecht van boedelbeschrijving. Natuurlijk kun je ook de nalatenschap verwerpen.
Zuiver aanvaarden
Door een nalatenschap zuiver te aanvaarden, ben je zonder meer aansprakelijk, dus ook voor de schulden van de overledene. Als er meer schulden in de nalatenschap zitten dan vermogen, ben je met je eigen vermogen aansprakelijk voor die schulden. Als je dus niet honderd procent zeker weet wat de overledene nalaat, is dit misschien geen heel slimme optie.
Beneficiair aanvaarden
Als je de nalatenschap beneficiair aanvaardt, hoef je niet bij te springen als er sprake van een schuld blijkt te zijn. Daar is wel een extra voorwaarde aan verbonden. Je moet een Verklaring Beneficiaire Aanvaarding afleggen bij de rechter. Daar zijn eenmalige kosten en eventueel notariskosten aan verbonden. Daarna moet je wel een bepaalde procedure volgen bij het afwikkelen van de erfenis. Als je er volledig op durft te vertrouwen dat er geen schulden boven water komen, is zuiver aanvaarden dus wel makkelijker, dan ben je niet aan een procedure gebonden.
Verwerpen
Als je de nalatenschap wilt verwerpen, ben je erfgenaam-af, dan heb je helemaal niets meer met de erfenis te maken. Dat kan een emotionele reden hebben, maar ook als je zeker weet dat de erfenis je helemaal niets gaat opleveren, kun je hiervoor kiezen. Dan heb je ook niet met het gedoe van een afwikkelingsprocedure te maken. Ook daarvoor moet je een verklaring afleggen bij de rechter.
Meer weten?
Elke situatie is anders. Wil je meer weten over de verschillende mogelijkheden, neem dan gerust contact met ons op.
Het aflossen van je hypotheek heeft een aantal voordelen. Er is echter één ding dat mensen nogal eens vergeten: het laten doorhalen van de hypotheek in het hypotheekregister bij het Kadaster. Toch is het belangrijk hier aandacht aan te besteden. Waarom? Dat vertellen we je in deze blog.
Aflossen is slimmer
Soms denken mensen dat het slim is een klein deel van hun hypotheek in stand te houden en niet alles af te lossen. In werkelijkheid heeft dat weinig zin, tenzij je liever wat spaargeld achter de hand houdt en niet je laatste centen in je hypotheek wil stoppen. Want dat is het enige ‘nadeel’ van je hypotheek aflossen, het afgeloste bedrag is niet zomaar beschikbaar, wat met spaargeld een stuk eenvoudiger is. Het voordeel daarentegen van je hypotheek aflossen is dat het je maandlasten verlaagt en op die manier eigenlijk meer oplevert dan sparen. Bovendien is er kans dat je recht hebt op een extra aftrekpost omdat je geen eigenwoningschuld meer hebt.
Paarse krokodil
Op het moment dat je je hypotheek hebt afgelost, is er echter een ding wat je niet moet vergeten: je moet nadenken of je je hypotheek wil laten doorhalen in het hypotheekregister bij het Kadaster. Dat doe je door een royementsakte te laten opstellen. Dit is niet verplicht op het moment dat je je hypotheek volledig aflost, maar wel op het moment dat je je woning wil verkopen. Zeker als de aflossing wat langer geleden heeft plaatsgevonden, kan de bank niet altijd meer de gegevens over de aflossing terugvinden. Dan komt de paarse krokodil uit de kast. Stel: je hebt tien jaar geleden je hypotheek afgelost, en gaat je huis verkopen. Dan moet de notaris die de overdracht doet, zorgen dat de hypotheek uit het hypotheekregister van het Kadaster is. Hij stuurt een brief naar de bank om de volmacht te laten tekenen dat de hypotheek bij het Kadaster doorgehaald mag worden. Als de bank de aflossing niet kan vinden, moet de bank in de archieven gaan zoeken, en dat kan best even duren. Als je geld hebt geleend van een particulier, kan de situatie nog nijpender worden. Houdt die particulier wel goed zijn archieven bij? Is de persoon in kwestie überhaupt nog in leven op het moment dat jij je huis wil verkopen? Lukt het je niet je hypotheek te laten doorhalen bij het Kadaster, kan je huis simpelweg niet overgedragen worden.
Kleine lettertjes
Soms is het juist handig je hypotheek niet te laten doorhalen bij het Kadaster, bijvoorbeeld als je later bij dezelfde bank een nieuwe lening af zou willen sluiten. Maar hoe het ook zij, zorg dat je de spullen van de bank goed bewaart, zodat je altijd kunt aantonen dat je je hypotheek hebt afgelost, en als je zeker weet dat je niet meer bij die bank wil gaan bijlenen, is het slim om direct de hypotheek bij het Kadaster te laten doorhalen. Daar moet je wel de notaris apart opdracht voor geven. Dat staat in de kleine lettertjes die de bank je laat ondertekenen bij het afsluiten van de hypotheek, maar daar leest vrijwel iedereen overheen.
Meer weten?
Heb je nog vragen over de hypotheek? Heb je andere vragen? Neem gerust contact met ons op. Ook ben je van harte welkom op ons telefonisch spreekuur voor een gratis tien minuten gesprek, elke maandag van 9.00 tot 10.00 uur.
Heb je samen met een goede vriend plannen om een bedrijf op te richten? Wil je samenwerken met een andere zzp’er om grotere opdrachten aan te kunnen? Of zoek je naar een hechtere samenwerkingsvorm met je grootste leverancier? Om succesvol te zijn is het slim om vooraf goede afspraken over jullie samenwerking te maken.
Als we praten over samenwerking, komt al snel de eerste vraag omhoog: in welke rechtsvorm ga je samenwerken. Die keuze hangt voornamelijk af van twee aspecten:
Wat is fiscaal aantrekkelijk?
Hoeveel risico wil je lopen?
Wat is fiscaal aantrekkelijk?
Vooral als starter lijkt het al snel aantrekkelijk om te kiezen voor de VOF als rechtsvorm. Je kunt dan profiteren van aantrekkelijke fiscale regelingen, zoals de zelfstandigenaftrek, startersaftrek en mkb-winstvrijstelling.
Als je nog niet al te grote omzetten maakt en je het verdiende geld nodig hebt om in je levensonderhoud te voorzien, is een vennootschap onder firma een goede oplossing. De winst uit je onderneming wordt dan gezien als inkomsten. Je betaalt hier dan ook inkomstenbelasting over.
Verwacht je echter grote omzetten te maken en wil je dit geld gebruiken om te investeren in je bedrijf, dan betaal je liever niet direct inkomstenbelasting over de totale winst. In dat geval kun je ervoor kiezen om een BV op te richten: de winst kan dan deels in de BV blijven zitten.
Hoeveel risico wil je lopen?
Kies je een VOF als rechtsvorm, dan ben je ook privé aansprakelijk voor jouw bedrijf. En jouw samenwerkingspartner is dat ook. Gaat er dus iets mis met je bedrijf, dan kunnen de schuldeisers ook jouw en zijn/haar privévermogen aanspreken. Ben je getrouwd in gemeenschap van goederen, dan is dat bovendien een extra risico voor je echtgenoot/echtgenote. Immers, het gehele vermogen kan door de schuldeisers worden aangesproken.
Wil je je privésituatie afschermen van je bedrijf, dan is de BV de beste optie. Een BV is zelf een deelnemer aan het rechtsverkeer en heeft een eigen, afgeschermd vermogen. Als privépersoon ben je maximaal beschermd, maar in het geval van onbehoorlijk bestuur kun je privé wél worden aangesproken.
Kies de juiste rechtsvorm
Wil je gaan samenwerken met iemand anders? Denk dan na over de juiste rechtsvorm voor jouw situatie. Je notaris kan je daarbij adviseren.
Sinds 1 januari 2018 trouwen mensen in beginsel niet meer in gemeenschap van goederen, wat in gedachten vaak wordt vertaald naar ‘onder huwelijkse voorwaarden’. De term ‘huwelijkse voorwaarden’ geeft veel ondernemers het idee dat de verdeling van het vermogen uit hun onderneming automatisch goed geregeld is. Dit is echter niet het geval. Ook onder deze wet is het van belang dat je nadenkt over huwelijkse voorwaarden om zakelijk en privé gescheiden te houden.
Verdeling van het vermogen
Tot eind 2017 kon je bij een huwelijk kiezen tussen trouwen in gemeenschap van goederen of trouwen onder huwelijkse voorwaarden. Als er geen keuze gemaakt werd, dan trouwde je automatisch in gemeenschap van goederen. Dit betekende dat na het huwelijk alles van de echtgenoten samen was.
Sinds 1 januari 2018 is het vermogen binnen het huwelijk niet langer meer van de echtgenoten samen. In beginsel trouwen mensen nu in beperkte gemeenschap van goederen in plaats van in algehele gemeenschap van goederen.
De nieuwe huwelijkse voorwaarden gaan uit van drie soorten vermogens. Er wordt onderscheid gemaakt tussen:
vermogen dat de partners voor het huwelijk al hadden. Dit vermogen blijft privé,
vermogen van schenkingen en erfenissen. Ook dit vermogen blijft privé.
vermogen dat tijdens het huwelijk wordt opgebouwd. Dit maakt onderdeel uit van het gemeenschappelijk vermogen.
Vermogen van je onderneming
Bestond je eigen onderneming al voor het huwelijk? Dan blijft deze ook privé. Wel moet je kunnen aantonen dat bepaalde zakelijke bezittingen eigendom van je bedrijf zijn én niet uit gemeenschappelijk vermogen zijn betaald. Hiervoor is een goede administratie belangrijk.
Heb je deze verdeling niet goed geregeld, dan kan dat problemen geven in het geval van een scheiding, een faillissement, schulden van de onderneming of in het geval je komt te overlijden.
Redelijke vergoeding
Heb je een onderneming en ga je trouwen? Je onderneming blijft privé, maar je moet volgens de wet een redelijke vergoeding betalen aan de gemeenschap. Helaas beschrijft de wet niet wat onder een redelijke vergoeding wordt verstaan. Wil je meer duidelijkheid over de verdeling van het vermogen in je onderneming? Dan is het verstandig om aanvullende huwelijkse voorwaarden af te sluiten.
Meer weten?
Ga je binnenkort trouwen of ben je na 1 januari 2018 getrouwd en twijfel je of je de zaken voor je onderneming goed hebt geregeld? Laat je dan juridisch en financieel adviseren, neem gerust contact met ons op. Ook ben je van harte welkom op ons telefonische inloopspreekuur voor een gratis tienminutengesprek, elke maandag van 9.00 tot 10.00 uur.
Recente reacties